dinsdag 8 november 2016

Utopieën in Europa



 

In de bijna twee uur durende documentaire ”Where to invade next”, die door NPO3 is uitgezonden op donderdag 3 november zien we de wat fysiek onbeholpen en "ruwe bolster blanke pit-type" Michael Moore een aantal Europese landen bezoeken om zich er vervolgens achter de oren te krabben om zich af te vragen of hij in een of ander "Wonderland" terecht is gekomen.

Moore is in hart en nieren een Amerikaan, die begaan is met het land en zijn bevolking, maar ook geraakt is door de grote armoede, de harde tegenstellingen tussen zwart/blank, grote ongelijkheid, neergang van middenklasse, economische recessie etc.  Het gaat helemaal niet goed met Amerika en zou dringend op zoek moeten zijn naar ideeën en alternatieven. Zo begint Moore’s speurtocht als Amerikaanse vlaggendrager.

Hij valt van de ene in de andere verbazing en laat zijn ongeloof ook voortdurend blijken door dezelfde vragen meerdere keren te stellen, want hij vertrouwt de antwoorden gewoon niet.

 

 


Moore's documentaire over aanslagen in VS 9/11 


Italië

Zo begint zijn lange reis in Italië waar hij van een Italiaans echtpaar uitleg krijgt van de algemene secundaire arbeidsvoorwaarden:

* 30 tot 35 vakantiedagen (totaal 6 a 7 weken),

* aantal verplichte nationale feestdagen (12),  

* vijf of zes maanden zwangerschapsverlof,

* 15 verlofdagen bij een huwelijk,

* een gratis dertiende maand aan salaris en  

* iedere dag 2-uur lunchtijd.

Is dit echt, zo vraagt Moore zich af ? Geen wonder dat iedereen in Italië veel tijd heeft voor en dol is op seks.  Vergeleken met de Verenigde Staten een wereld van verschil. In de VS krijg je als je geluk hebt en bij een sterke vakbond bent aangesloten hooguit twee betaalde vakantieweken.  Vervolgens bezoekt Moore ook twee bedrijven in Italië. Eerst het kledingbedrijf Lardini, dat merken voert als Dolce Gabbana en Versace en ook de Ducati motorfabriek. Hij praat met managers en personeel en is verbaasd om te horen dat goed voor je personeel zorgen (ruime sociale regelingen) en een bedrijf goed en winstgevend runnen niet tegenstrijdig zijn. Ze gaan goed samen. Gelukkig en tevreden personeel zijn ook belangrijk voor het bedrijf.

De eerlijkheid gebiedt wel om te zeggen dat deze regelingen door jarenlange sociale strijd van vakbonden en werknemers in meerdere landen van Europa zijn verworven. Het feit dat ze nog steeds bestaan is een bewijs voor de eerdere stelling en ook uitgangspunt voor Social Enterprises en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.  Moore eindigt zijn bezoek aan Italië door af te spreken dat hij deze utopische ideeën meeneemt naar de VS. Als het hier kan dan daar ook.

 

Documentaire over gezondheidszorg VS- Europa

Frankrijk

Vervolgens  gaat Moore naar Normandië, waar hij neerstrijkt in een kantine van een basisschool waar vers bereid, warm en gezond eten wordt geserveerd voor de schoolkinderen. We zien de kok met de diëtiste en leraren van de school overleggen om een afwisselend menu samen te stellen voor de komende weken. Dit gebeurt in een klein dorp en in opdracht van de gemeentebestuur, dat het belangrijk vindt dat kinderen ruim tijd besteden aan goed, gezond en netjes eten. Verrassend genoeg blijkt dat niet veel duurder te zijn dan wat ouders of kinderen in de VS in schoolkantines betalen voor een vette, ongezonde fastfoodhap.  De voice-over vertelt tussendoor nog even dat in Frankrijk de medische gezondheidszorg en kinderopvang ook gratis is. Dit is toch utopisch, dit kan toch niet zie je Moore denken !

Voor de zekerheid vergelijkt Moore de afdracht aan belastingen in een paar Europese landen en in de VS. Dan blijkt dat in Europa inderdaad wat meer betaald wordt, maar daartegenover staan ook veel extra voorzieningen. In de VS is het wel wat lager maar daar gaat 60% van de belastingopbrengsten naar defensie. Geen wonder, want de VS zijn erg oorlogszuchtig en hebben wel 1000 militaire bases wereldwijd.

Moore's documentaire over wapenbezit in VS versus Canada

Finland

Het derde land in Europa waar Moore heengaat is Finland, waar hij op bezoek gaat om een  middelbare school. In de internationale rankings wat onderwijsprestaties betreft, zien we al enkele jaren Finland bovenaan staan. In de jaren 60 stonden ze op gelijke voet met de VS maar nu is er een wereld van verschil. De VS staat op een 29e plaats en Finland op nummer 1.

Dus gaat de filmmaker in gesprek met leerkrachten en directie en hij gelooft zijn oren niet.  Er wordt maar maximaal 20 uur lesgegeven in een week. Per dag maar 3 of 4 uur les (waar ook nog lunchtijd bijzit). Men wil liever geen huiswerk of vrij weinig. Middelbare scholieren zeggen onafhankelijk van elkaar,  zo’n half uur hooguit hieraan te besteden.

Kinderen moeten ook kunnen spelen, sporten, ontspannen, sociale contacten ontplooien etc. Dat komt het leren juist ten goede. In het beperkte onderwijs wat betreft de uren is toch nog ruimte  voor meerdere vreemde talen, muziek, kunst, poëzie, toneel en gym. Een belangrijk verschil met de VS is dat er geen Multiplechoicevragen en standaardtoetsen zijn en ook geen centrale (cito- of eind-) examens. Ze hebben wel open vragen proefwerken, waarbij  juist de eigen mening en redenering voorop staat. Scholen (meestal openbare) scholen zijn vrij het onderwijs naar eigen inzicht in te richten zonder controle van de onderwijsinspectie. Een eis is wel, maar dat komt in de documentaire niet naar voren dat leerkrachten een universitaire opleiding hebben. Ze worden goed betaald en hebben een hoog aanzien. Een wiskunde leraar zei met enige schroom dat hij graag wilde dat kinderen zich breed kunnen ontwikkelen en vooral gelukkig worden. Hij zei dus niet dat ze goed moeten zijn in het oplossen van sommetjes, zoals Moore verwachtte.

Er is sprake van een sterke paradox. Hoe kan het dat de onderwijsresultaten, ook op de cognitieve vakken in Finland zo uitzonderlijk goed zijn terwijl ze weinig les geven, een heel breed programma aanbieden, weinig controleren en toetsen?? Dat kan toch niet? Dat is toch een utopie? Nederland probeert hier ook een voorbeeld aan te nemen en heeft de laatste jaren grote hordes ambtenaren van het ministerie van Onderwijs, mensen van onderwijsadviesbureau ’s en politici naar Finland gestuurd om zich te laten voorlichten. Helaas nog steeds zonder drastische wijzigingen in ons onderwijsbeleid. Op zijn Amerikaans gezegd: Moore is “flabbergasted”.

Moore met vlag onderweg naar Europa.

Slovenië

De verbazing houdt echter nog niet op want Moore reist af naar  een betrekkelijk nieuw Europees land, een land waarvan hij het bestaan waarschijnlijk nog niet eens kende. Daar bezoekt hij de Universiteit van Ljubljana (hoofdstad), die zo’n honderd Engelstalige masteropleidingen  aanbieden waar studenten en ook buitenlanders gratis gebruik van kunnen maken. Hij vraagt verschillende studenten hoe groot hun studieschuld is en de meesten antwoorden: nul. Alleen een jongen, die eerder in de VS had gestudeerd had wel 7.000 dollar studieschuld. In de VS zijn studieschulden tot 50.000 Euro geen uitzondering.  Moore begrijpt echter de logica niet. Hoe kan een land het opbrengen om zijn eigen burgers en buitenlanders gratis te laten studeren??? Dat is toch “Nuts”.?! Kennelijk niet, want zelfs de president van Slovenië is bereid Moore te ontvangen en uitleg te geven. Het biedt jonge mensen, uit rijke of arme gezinnen in ieder geval  gelijke kansen en bovendien heeft wetenschappelijk onderzoek aangetoond dat iedere Euro geïnvesteerd in onderwijs uiteindelijk het vier- of vijfvoudige oplevert voor de economie. Tel uit je winst.

Portugal

Vervolgens komt Moore terecht in dit Zuid-Europese land waar hij van de minister van volksgezondheid en van politieagenten verneemt dat het gebruik van drugs in dit land is gelegaliseerd. Niemand belandt in de gevangenis voor het roken van een joint, extasy-pilletje of zelfs harddrugs. Sinds dit beleid wettelijk is ingevoerd is bovendien gebleken dat het gebruik juist is afgenomen. Gebruikers krijgen als ze dat willen ook begeleiding om ermee te stoppen . Utopie of werkelijkheid, zo lijkt Moore zich af te vragen ?

In de documentaire zie je vervolgens een reeks van beelden over de keiharde "War on drugs" die al vele jaren door vele presidenten wordt gevoerd en  die alleen maar meer slachtoffers oplevert. Moore suggereert dat het een smerige truc is om juist de zwarte mensen, die kennelijk meer drugs gebruiken en verhandelen, in de gevangenis te krijgen en ze daar ook nog hun stemrecht te ontnemen.

 

Noorwegen

De reis gaat verder naar Noorwegen waar hij de zwaarst beveiligde gevangenis gaat bezoeken en vaststelt dat het leven daar best aangenaam is voor de veroordeelde gevangen. Dat ze vooral veel vrijheid en begeleiding krijgen om hun leven op het goede spoor te krijgen en de tijd aangenaam doorbrengen. Geen eenzame opsluiting, geen sobere cel, veel ontspanningsmogelijkheden juist. Men streeft naar een humaan en menswaardig gevangenissysteem, gericht op gedragsverandering.

Op 125 gevangen waren maar 4 bewakers, die zelfs geen wapens hadden. Ook dit is in schril contrast met de beelden uit de VS met zwaarbewaakte en  -bewapende gevangenissen die gerund worden als bedrijven, maar waar geweld en ongelukken vaak voorkomen en een hoge recidive van 80% bestaat, terwijl dat in Noorwegen maar 20% is (terugval in crimineel gedrag). Dit kan toch niet? Alweer een utopie die bestaat en werkt. 

Duitsland

In Duitsland bezoekt hij een potlodenfabriek Faber & Castell, waar medewerkers een goed leventje hebben en als ze toch teveel stress hebben voor twee weken naar een kuuroord mogen om te relaxen en te ont-stressen. Verder heeft Moore ontdekt dat in Duitse bedrijven de Raad van Toezicht voor de helft bestaat uit vertegenwoordigers van de werknemers. De andere helft wordt benoemd door de werkgever. Dat is een kenmerk van het Rijnlandse ondernemingsmodel, dat ervoor zorgt dat in het beleid en bij de controle op het ondernemingsbeleid de belangen van medewerkers zeker niet vergeten worden. Het geeft de stakeholders daadwerkelijk macht en heel anders dus dan het Angelsaksische shareholders-kapitalisme. Is dat de verklaring voor het “Wirtschaftswunder”? Duitsland wordt ook geroemd vanwege de eerlijkheid over het verleden. In alle scholen wordt uitgebreid aandacht besteedt aan de mistoestanden onder Hitler en de holocaust.

IJsland

In IJsland bezoekt Moore de eerste vrouwelijke premier, die in de jaren tachtig van de vorige eeuw gekozen werd.  Dat heeft veel betekent voor de gelijke behandeling en rechten van vrouwen. Zo was er voor de financiële en bankencrisis een bank in IJsland die geleid werd door vrouwen. Toen alle andere banken in de problemen kwamen, bleek deze bank het juist goed te doen. Ze hadden geen financiële producten verkocht die ze zelf niet begrepen. Bovendien wordt gesteld dat vrouwen veel meer het gemeenschappelijk en publiek belang behartigen en mannen veel meer het eigenbelang. Zet vrouwen dus aan top en oorlogen zullen afnemen  en samenlevingen zullen opbloeien. Het is ook zo dat IJsland de foute bankiers heeft laten veroordelen door een rechter en ook banken failliet heeft laten gaan. De economie presteert nu veel beter dan de meeste EU-landen. 

Tunesië

Een Arabisch en juist niet Europees land dat aan bod komt is opvallend genoeg Tunesië waar vrouwen recht hebben op voorbehoedsmiddelen en eventueel legaal abortus kunnen ondergaan. In het parlement zitten ook heel veel vrouwen en in de grondwet zijn vrouwenrechten prominent vastgelegd.  Dat is des te opmerkelijker omdat Tunesië ook een islamitisch land is, zij het gematigd.  

Moore kan tevreden teugkeren naar zijn land en veel goed nieuws thuisbrengen. Er bestaan veel utopieën in Europa, waarvan nu bewezen is dat ze goed werken. Het is hooguit een begripskwestie of we ze in termen van filosoof Hans Achterhuis "grote of kleine" utopieën moeten noemen. Wij Europeanen mogen best trots zijn op deze verworvenheden ondanks of dankzij het gemeenschappelijke EU-beleid.  Met de net gekozen nieuwe president Donald Trump verwacht ik echter niet dat veel van deze utopieën overgenomen zullen worden.    

 
  
Moore's film over keiharde Amerikaans kapitalisme

woensdag 20 juli 2016

Elon Musk, een visionaire Ondernemer

Elon Musk in zijn ontwikkelde Tesla S
 
Deze nog jonge, zeer succesvolle CEO van Space X , Tesla en Solar City heeft in een recordtijd een aantal bedrijfstakken volledig veranderd. Sommigen beweren zelfs dat hij “onze toekomst vormgeeft”.  Dat laatste is ontleend aan de titel van een biografie die journalist Ashlee Vance heeft geschreven en waarvan de Nederlandse vertaling is verschenen bij Levboeken/ Bruna uitgevers in 2016.
boekomslag bruna boek
 

 
Elon is geboren op 28 juni 1971 in Pretoria in Zuid-Afrika als eerste kind in het huwelijk van Errol en Maye, die elkaar ontmoetten op de Universiteit.  Errol was elektrotechnisch en werktuigbouwkundig ingenieur en werkte aan grote projecten zoals kantoorgebouwen, winkelcentra en woonwijken. Zijn moeder Maye was een eigen diëtistepraktijk begonnen. Na Elon kwam er nog een broertje Kimbal en zusje Tosca met tussenpozen van een jaar. Elon was een leergierig en energiek kind dat ook zo erg kon weg dromen, dat het leek alsof hij in trance was. Hij kon zich heel erg goed afsluiten van de buitenwereld en was dan verzonken in zijn binnenwereld. Voor buitenstaanders leek het alsof hij doof of autistisch was , maar dat bleek volgens controlerende artsen niet het geval te zijn. Hij creëerde in zijn brein een eigen wereld. Hij had al vroeg een sterk ontwikkeld visueel brein waarbij voorstellingen zo helder en duidelijk tot in detail waren alsof het een innerlijk beeldscherm was. Van Nikola Tesla wordt hetzelfde beweerd. Hij kon al zijn ontwikkelde apparaten al "ontwerpen en testen" in zijn hoofd. In de antroposofie zou men dit omschrijven als ontwikkelde  innerlijke, hogere zintuigen.http://bedrijfskunde-economie.blogspot.nl/2015/07/nikola-tesla-een-biografie.html
De buitenwereld had niet altijd begrip voor zijn naar binnen-gerichtheid en daarom had Elon maar weinig vriendjes met wie hij kon spelen. Later op school werd hij ook heel erg gepest en vertrok hij noodgedwongen naar een andere middelbare school. Op een school was het zelfs zo erg dat medeleerlingen hem van een trap af duwden en hard schopten waardoor hij flinke hoofdwonden had.  Hij moest naar het ziekenhuis en kreeg een neusoperatie. Pas na een week kon hij weer naar school. Op latere leeftijd liep hij tijdens een reis door Afrika ook een ernstige vorm van malaria op waardoor hij tien dagen op de intensive care terecht kwam, 25 kilo aan gewicht verloor en nog zes maanden nodig had om te herstellen.
 
Elons leergierigheid was ook ongekend. Hij zat altijd in een hoekje in een boek te lezen en las wel 10 uur per dag. In de plaatselijke boekwinkel kon hij ook uren zitten om alle strips,  sciencefiction en non-fictieverhalen door te lezen. In de school- en openbare bibliotheek was hij ook een frequente bezoeker.  Op jonge leeftijd realiseerde hij zich “dat je eigenlijk niet weet wat je nièt weet”.  Dat leidde tot het voornemen  om dan maar de hele encyclopedie te gaan doornemen of eigenlijk twee verschillende, want daar staat “alle” kennis in. Hij bezat wat men noemt een fotografisch geheugen waardoor hij al die kennis ook nog kon opslaan. Hij werd een soort wandelende encyclopedie en verraste menigeen met zijn enorme  kennis. Zo kon hij meteen antwoorden op de vraag “hoe groot de afstand was tussen de aarde en de maan” en niet door de gemiddelde afstand te noemen of een aardige schatting, maar juist de grootste en laagste afstand afhankelijk van hun baan.   Een trieste gebeurtenis voor de kinderen Elon, Kimbal en Tosca was dat hun ouders gingen scheiden. De eerste tijd bleven de kinderen bij moeder Maye  maar later koos Elon ervoor om bij Erroll te gaan wonen. Erroll was een talentvolle ingenieur en leerde zijn kinderen ook heel veel praktische zaken, maar testte ook hun kennis tot het uiterste.  Elon kreeg van zijn vader na enig aandringen, toen hij ongeveer 10 jaar was de thuiscomputer Commodore Vic-20 (met 5 kilobyte geheugen) die in 1980 voor het eerst op de markt kwam. Bij de prijs inbegrepen was een lesboek over de programmeertaal BASIC , waarmee Elon meteen aan de slag ging. In drie dagen en drie nachten had hij alle lessen onder knie, waar anderen zes maanden over deden. In de ogen van zijn vader Errol was het een nutteloos apparaat, want je kon er alleen spelletjes op spelen zoals Pacman enz.  Voor Elon ging echter een nieuwe wereld open.  
Tesla's Assemblagefabriek in Tilburg
Al vroeg had hij belangstelling voor raketten en ruimtevaart mede ook door stripverhalen. Later experimenteerde hij ook met chemicaliën en bouwde ook miniraketten, maar niet zoals in de VS aan de hand van een bouwpakket. Elon knutselde alles zelf met blikken en dergelijke.  Zijn fascinatie met ruimtevaart kwam ook al naar voren in een computerspel dat hij zelf geprogrammeerd had genaamd Blastar. Het was  een videogame dat hij als twaalfjarige schreef en dat al zo complex was dat je wel 60 codes moest kennen om het spel door middel van commando’s te kunnen spelen op een eenvoudige pc. In de antroposofie wordt gesteld dat ieder mens met een missie of opdracht op aarde komt. Bij Elon Musk was die missie kennelijk al vroeg duidelijk, want hij heeft er een groot deel van zijn leven intensief aan gewijd.  Op zijn zeventiende ging Elon naar Canada wat gemakkelijker ging dan naar de VS, omdat hij deels afstamde van een Canadese familie. Een andere reden was dat hij de militaire dienstplicht wilde ontvluchten in Zuid-Afrika.

Na een jaar omzwervingen en allerlei rare baantjes om aan geld te komen ging hij twee jaar studeren aan de Queens University in Ontario, waar hij ook zijn latere eerste vrouw Justine leerde kennen. Musk studeerde Bedrijfskunde (MBA) nadat hij eerder in Zuid Afrika op de Universiteit van Pretoria een aantal maanden natuurkunde en techniek had gestudeerd. Hij bezocht weinig colleges en besteedde meer tijd aan computerspelletjes. Later bezocht hij in 1992,  dankzij een beurs de Universiteit van Pennsylvania,  ook de Wharton School waar hij een graad in economie haalde en nog een bachelor in natuurkunde en had daarmee ook de VS bereikt, waar hij ook perse naar toe wilde. Zijn passie bleek al uit middelbare schoolwerkstukken, zoals een essay en presentatie over “The Importance of Being Solar” en later deed hij dat ook op de universiteit. Zonne-energie is een duurzame bron van energie die onbeperkt aanwezig is. De energie van de zon die dagelijks op aarde schijnt is genoeg voor het jaarverbruik van de hele wereldbevolking. Dat is dus het alternatief voor alle fossiele brandstoffen die eindig zijn en bovendien de aarde schaden bij gebruik (opwarming, CO2 en allerlei  zeer schadelijke fijnstoffen).
 
Later heeft hij twee verschillende ingewikkelde start-up's (Tesla en Space X) geleid waarbij hij niet alleen de algemene leiding  had als CEO, maar zich ook met alle processen en fasen intensief bemoeide. Hij kon ingewikkelde berekeningen in zijn hoofd maken en beschikte over een ongekende hoeveelheid kennis. Daarbij eiste hij ook (bijna) het onmogelijke van ingenieurs. Technisch moest alles veel beter en vooral goedkoper en dat speelde vooral een grote rol bij zijn ruimtevaartavontuur, waar het al snel om miljarden ging.         
Dat dit jochie later in de VS de hele ruimtevaartsector op zijn kop zal zetten  met hele moderne en effectieve raketten (Falcon 1 en 9) en capsules (Dragon) en zelfs de belofte maakt om de planeet Mars te gaan kolonialiseren had waarschijnlijk niemand kunnen bevroeden.  Het lukte Elon Musk ook nog om de draagrakketten weer op een platform te laten landen, zodat ze meerdere malen gebruikt kunnen worden. Dat is andere ruimtevaartmaatschappijen nooit gelukt.    
Met het verdiende geld uit de verkoop van zijn internetbedrijven Zip2 (leverde Musk $22 miljoen op) en PayPal( eerder X.com) kon hij miljoenen gaan investeren in het geheel zelfstandig ontwikkelen van raketten. De verkoop van PayPal aan Ebay leverde Musk (na belastingaftrek) 180 miljoen  dollar op. PayPal is een door Musk ontwikkeld veilig platform voor wereldwijde internetbetalingen voor consumenten en bedrijven. Musk's ambitie was  om eigenlijk één internetbank te creëren, die alle andere banken overbodig zou maken. Dat is echter niet gelukt. 
Musk was ook betrokken bij de oprichting van Solar City, het grootste bedrijf nu, dat in de VS zonnepanelen en installaties levert aan consumenten en bedrijven op een gemakkelijke en klantvriendelijke manier met een gunstige financiële regeling bovendien. Twee broers en neven van Elon hadden de feitelijke leiding. Elon was de grootaandeelhouder en geldschieter. Later is het bedrijf samengevoegd met Tesla. 
 
Alsof de ruimtevaart-uitdaging nog niet genoeg is, heeft hij ongeveer tegelijkertijd ook de auto-industrie op zijn grondvesten laten rammelen met een revolutionaire elektrische auto die oogt als een sportwagen en technische prestaties levert die niemand voor mogelijk hield. Accelereren in 4,2 seconden van nul tot 100 km en een actieradius van wel  450 km met volle accu en een snel-oplaadtijd van 25 minuten of een accuwissel in 20 seconden (voor de prijs van een brandstoftank benzine). Het zwaarste onderdeel zijn de accu’s die in de bodem van de carrosserie zijn vastgemaakt. Om verhitting en overbelasting te voorkomen zijn de accu’s speciaal gekoeld en opgebouwd. Ze wegen ongeveer 600 kg en zijn het zwaarste onderdeel want de carrosserie is van aluminium.  In Augustus 2016 kwam Tesla met een zwaardere accu op de markt met een vermogen van 100 kWh terwijl de eerste generatie 90 kWh had. Daarmee wordt het acceleratievermogen en vooral de actieradius vergroot  naar 505 km terwijl dat eerst ruim 400 km was. Een nieuw setje batterijen kost wel 20.000 dollar. 
De motor zelf is ongeveer ter grootte van een meloen en is tussen de wielen geplaatst. De auto kan 7 passagiers vervoeren en heeft nog zelfs een ruime bagageruimte. Deze Tesla S (staat voor sedan) is oogstrelend en zit vol met snufjes zoals in- en uitklappende portiergrepen en een touchscreen van 17-inch, waar alle autofuncties mee te bedienen zijn (inclusief een auto-assist waardoor de sedan zelfsturend wordt). 
De groot uitgevoerde touchscreen in de middenconsole
 
 Deze auto van € 70.000 - 100. 000 afhankelijk van de extra’s, hoeft nauwelijks voor onderhoud naar de garage en krijgt automatisch updates via de ingebouwde vaste internetverbinding. Musk is daarnaast bezig  een wereldwijd verspreid netwerk van snel-oplaadstations aan te leggen waar een Teslarijder gratis kan opladen in 40 minuten (dus geen brandstofkosten meer).
De 8 snel-oplaadpalen bij van der Valk in Eindhoven
 
 Een elektrische auto is in veel opzichten een veel beter alternatief dan brandstofauto's op benzine, diesel of gas. Los van de (schadelijke) brandstof heb je altijd te maken met heel veel, wel honderden  bewegende delen die slijten en onderhoud vereisen. Een Tesla heeft maar tien bewegende delen en die zitten vooral bij de wielen.  Uiteindelijk zijn in 2015 zo'n ruim 50.000 Tesla's verkocht, maar veel minder dan er vraag was.
Een Zwarte Tesla S met Nederlands kenteken
 
Hoe revolutionair zijn ontwerp ook moge zijn, het is nog geen garantie voor succes.  In het tweede kwartaal van 2016 heeft Tesla nog een verlies gemaakt van $ 293 miljoen tegenover een omzet van $ 1,3 miljard en dat was al het 13e kwartaal op rij met rode cijfers. Toch belooft Musk dat er in de 2e helft van 2016 nog 50.000 nieuwe auto's (model S en X) gebouwd zullen gaan worden wat een verdubbeling is van het aantal in 2015.  In 2016 is Tesla ook met een Model S op de markt gekomen die vierwiel- aandrijving heeft, het model P85D met notabene 700 pk. Daarvoor heeft de auto ook een kleinere elektromotor tussen de voorwielen naast de al gebruikelijke elektromotor die tussen de achterwielen ligt. Door een geraffineerde verdeling van vermogen heeft de auto een prima wegligging en een grote acceleratie.  
 
Alle patenten die het bedrijf Tesla door deze vernieuwende auto heeft verkregen zijn openbaar in de hoop dat anderen snel meer en misschien zelfs nog betere elektrische auto’s gaan bouwen. Zelf gaat Tesla aan de slag met de Tesla X die naar boven klappende portieren heeft, valkenvleugels genoemd en nog een goedkopere versie van de S. Daarnaast heeft hij concrete plannen voor een elektrische vrachtwagen en een elektrische personenbus. 
Op langere termijn zal er een prototype van een amfibievoertuig komen dat over land en in het water vooruit kan, misschien komt er ook nog eens een vliegende auto.
Verder heeft Musk het vaste voornemen om een aantal satellieten de ruimte in te sturen voor een baan om de aarde, die kunnen zorgen voor een wereldomspannend, snel internet. Musk denk daarbij aan een investering van 10 miljard dollar, maar dat is veel goedkoper dan de hele aarde voorzien van een glasvezelkabel. In het najaar van 2016 heeft SpaceX toestemming gevraagd aan de Amerikaanse overheid om deze satellieten te mogen lanceren. Het gaat om een aanvraag bij de Telecomwaakhond FCC. Er zijn nu al zo'n 1.400 werkende satellieten in de ruimte en daar zouden er op korte termijn zo'n 800 bij moeten komen voor beter internet in de VS en uiteindelijk zo'n 4.425 internetsatellieten voor een wereldwijde dekking van het internet. Deze nieuwe satellieten zouden wel op een afstand van 1200 km rond de aarde draaien en dat is lager dan normale baan van een satelliet.
 
Zeker is dat deze man de wereld een grote stap vooruit geholpen heeft met op zonne-energie gebaseerde technologie. Zie ook http://bedrijfskunde-economie.blogspot.nl/2014/09/ondernemer-elon-musk-meest-invloedrijk.html 
 Musk kijkt ook verder dan alleen vanuit een ondernemersbril of vanuit een technologische visie. Hij geeft ook blijk van een maatschappelijke visie. Zo beweert hij in oktober 2016 in een interview dat we op langere termijn een mondiaal basisinkomen zullen invoeren. De opkomende robotisering, automatisering en informatisering zal veel banen overbodig maken en dus kunnen we volstaan met een kleinere werkweek en ons meer gaan ontwikkelen op andere meer creatieve en intellectuele gebieden.
 
 
 








 
 
 

 
 
 
 
 
 






 

maandag 25 april 2016

Een andere economie is mogelijk !



Onderstaand artikel is ook gepubliceerd op de website vrijeschoolbeweging.nl en de weblog antroposofie in de pers.



http://www.nearchus.nl/wp-content/uploads/2016/03/voorplat_economie.jpg

 

Ter gelegenheid van de nieuwe uitgave van de “Ökonomischer Kurs” van Rudolf Steiner  die nu verschenen is onder de titel ” Economie. De wereld als één economie” heeft uitgever en publicist John Hogervorst dit voorjaar een twintigtal bijeenkomsten georganiseerd door heel Nederland.
Op 19 april verzorgde hij in dat kader ook een lezing op het Novaliscollege in Eindhoven. In aanwezigheid van zo’n 40 a 50 belangstellenden heeft John een uiteenzetting gegeven van de visie van Rudolf Steiner op de economie, zoals die ook in de voordrachten en vragenbeantwoording in het boek naar voren komt. Steiner kiest voor een fenomenologische aanpak van economische verschijnselen  omdat de economie volledig het resultaat is van menselijk handelen. In de economie gaat het om de productie en verspreiding van goederen en diensten voor de hele mensheid. Hoe we dat doen en met welke grondstoffen en hulpmiddelen is ook mensenwerk.
John Hogervorst (midden) met gastheer Henk Verboom (rechts)

John maakt een terugblik om op een concrete en objectieve manier een product zoals een pot pindakaas te vervolgen vanaf je bord tijdens het ontbijt bij de consument tot en met de winning van grondstoffen (noten) in de natuur door boeren ergens ver weg op aarde. Alles overziende realiseer je je dan pas hoeveel mensen en middelen er wereldwijd bij betrokken zijn, om ervoor te zorgen dat dagelijks in onze behoeften wordt voorzien. Het is daadwerkelijk een wereldomvattend proces  en we kunnen in onze tijd daarom ook terecht spreken van een wereldeconomie. Op een andere manier zou je kunnen zeggen dat je tegenwoordig in de economie altijd voor een ander werkt.  Dat schept verbindingen en is dus een sociale bezigheid, we zijn daarin ook solidair met elkaar  Dat moet dus ook het uitgangspunt zijn in de economie. Hoe organiseren we het economische proces zodat we niemand op aarde tekort doen en zonder de natuur en de aarde te schaden? Het doel is dus een duurzame en solidaire economie te realiseren, voor de mensen nu én toekomstige generaties. De moderne visies zoals een circulaire economie of Cradle tot Cradle benadering streven hetzelfde na.  
Vrije schoolgemeenschap voor Vwo, Havo en Vmbo

Rudolf Steiner constateerde ook al in zijn tijd (rond 1920) dat het kapitalistische systeem al grote nadelen had. Hij zag al hoe in de natuur roofbouw gepleegd werd op landbouwgrond, bossen en mijnen ter verkrijging van grondstoffen en hoe mensen onder erbarmelijke arbeidsomstandigheden ingezet werden in fabrieken en bedrijven.  In de geest van zijn tijd pleitte hij ook voor een soort socialistische benadering van de economie waarbij de grond en kapitaalgoederen  niet in privébezit mochten zijn maar geneutraliseerd en in handen van de gemeenschap of samenleving. Hij was geen voorstander van staatseigendom zoals de marxisten en communisten. Het huidige eigendomsrecht is eigenlijk een heel oud (en achterhaald?) principe dat we te danken hebben aan de Romeinse tijd zo’n tweeduizend jaar geleden. Daar ontstond in het recht het eigenbelang en particulier eigendom. Dit rechtsprincipe is aan vernieuwing onderhevig en moet aangepast worden aan de huidige nieuwe tijd. Wel particulier bezit van prive-spullen, maar niet meer van collectieve goederen zoals landbouwgrond ,  bossen en weiden en kapitaalgoederen. Zo kenden we in Europa lange tijd de Commons als gemeenschappelijke weidegronden, waar de gemeenschap zorgde voor beheer en onderhoud. Wetenschapper Elinor Ostrom kreeg in 2009 als eerste vrouw de Nobelprijs voor de economie voor haar grondige studie van het beheer van deze Commons.    
Grote hal Novaliscollege met belangstellenden

Anders dan in de huidige economie waar het uitgangspunt de concurrentie is, pleitte Steiner juist voor samenwerking en overleg tussen alle economische partijen. Concurrentie kan ertoe leiden dat het recht van de grootste en sterkste gaat overheersen. Je kunt minder draagkrachtige bedrijven het faillissement in duwen of door de mogelijkheid van een financiële overname kun je je opponenten overnemen en zo onschadelijk maken. Uiteindelijk zien we in veel branches en sectoren een beperkt aantal ondernemingen die door hun omvang en macht de markten/consumenten domineren. In wat Steiner een associatieve economie noemde moet er gelegenheid zijn om in verschillende overlegorganen de belangen en kennis van producenten, handelaren en consumenten samen te brengen, af te wegen en besluiten te nemen over kwaliteit , hoeveelheden en prijzen van producten. John geeft als voorbeeld het huidige Japan waar als zo’n 25 procent van de producten gemaakt wordt in opdracht van consumentenkringen. Dat is dus vraag- en juist niet aanbod-gestuurd. Onze westerse economie is juist sterk aanbod-gestuurd en wordt door middel van enorme reclame- en marketinginspanningen  geprobeerd consumenten te verleiden deze producten aan te schaffen. Bij een mismatch tussen vraag en aanbod leidt dat echter tot grote verspillingen.  In de economie gaat het om schaarse goederen en dus is zorgvuldigheid  (lees efficiency en effectiviteit) noodzakelijk.  Bij vraag-gestuurde productie is dat veel vanzelfsprekender.

Overleg en uitwisseling in grote diverse groepen mensen blijkt wel degelijk interessante resultaten op te leveren. In het boek The Wisdom of Crowds wordt aangetoond dat een heterogene groep tot betere oordelen en schattingen komt dan een homogene groep deskundigen. De Amerikaanse economisch journalist en onderzoeker James Surowiecki heeft daar vele voorbeelden van beschreven. 
 Voor wie zou kunnen denken dat een overlegeconomie ouderwets en achterhaald  is, gezien het falen van alle historische communistische voorbeelden, kan toch verwezen worden naar twee moderne wetenschappers Michael Albert en Robin Hahnel, die in hun theorie van Parecon (samentrekking van participatieve economie) ook uitgaan van economische overlegkringen.  
In de Nederlandse biologische dynamische Landbouw en dankzij de inspanningen van o.a. Odin/Estafette worden ook voedingsmiddelen geleverd via zogenaamde groente-abonnementen. Daarbij kunnen consumenten vooraf aangeven wat hun behoefte aan etenswaar zal zijn. Een toezegging vooraf om bepaalde producten in de nabije toekomst af te gaan nemen.  

Een ander belangrijk punt is de totstandkoming van prijzen en de zoektocht naar de juiste en transparante prijs. In de definitie van Steiner( 29 juli 1922): "Een prijs is de juiste prijs wanneer iemand voor een product dat hij vervaardigd heeft, zoveel als tegenwaarde ontvangt dat hij al zijn behoeften (en die van zijn naasten) kan bevredigen totdat hij opnieuw een product zal hebben vervaardigd". 
Dus niet terugkijkend hoelang het heeft geduurd en kijkend naar alle productiekosten, maar juist vooruit kijkend en naar alle behoeften van iemand en zijn familie gedurende een bepaalde tijd.
Deze definitie is echter niet erg praktisch als we bedenken hoeveel mensen en middelen bij ieder product betrokken zijn. Je kunt echter geen scherpe grenzen trekken en dus worden het oneindige rekensommetjes. De juiste prijs is daarmee feitelijk een onmogelijke opgave. Openheid en transparantie met betrekking tot prijzen is echter wel haalbaar en wenselijk. Daar moeten en kunnen we mee beginnen zodat alle economische partijen voortdurend streven naar verdere efficiency (minimale verspilling) en effectiviteit (schaalvergroting en innovatie) zonder afbreuk te doen aan mens en natuur.  

Na een korte koffiepauze was er gelegenheid om vragen te stellen . Het aanwezige publiek maakte daar dankbaar gebruik van met vragen als:
“Is de mensheid als het gaat om bewustzijnsontwikkeling al toe aan een associatieve economie”?

“Hoe berekent John als uitgever (Nearchus) zelf de juiste prijs van een nieuw uitgegeven boek”?
“Wat vind je van het nieuwe boek van Joris Luyendijk en het boek "Kapitaal in de 21e eeuw" van Thomas Piketty”?  

 “Is er in de visie van Steiner ook een belangrijke plaats voor regionale en lokale producten”?
Dankzij John werd het een boeiende avond, die de mensen hopelijk weer wat houvast heeft gegeven.